Voorbeelden van het gebruik van Hij loopt in het Nederlands en hun vertalingen in het Spaans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Hij loopt op een snelweg op klaarlichte dag.
Hij loopt als een Zwitsers horloge die goedkoop in China is nagemaakt.
Hij loopt naar die wagen toe!
Hij loopt vreemd. Zie je dat niet?
Hij loopt elke dag rond om te zien hoe het met de dieren gaat.
En hij loopt daar rond.
Hij loopt op onstabiele plutonium neutronen,
Hij loopt altijd met dat ding rond.
Hij loopt naar de hoek, nog één man te verslaan.
Hij loopt vrij rond en neemt risico's.
Hij loopt in een mysterieuze brand brandende stenen kamer tot vier diamanten verzamelen.
Hij loopt naar de paardenstal.
Hij loopt door de stad en let op de mensen.
Hij loopt op 't plein… in oostelijke richting!
Ja, hij loopt goed!
Hij loopt zijn zesde marathon.
Hij loopt naar 't pand.
Ja, hij loopt hier ergens rond.
Hij loopt naar het sportveld.
Hij loopt goed. Stap alsjeblieft in!