Voorbeelden van het gebruik van Bevechten in het Nederlands en hun vertalingen in het Spaans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Je personages verkennen grotten, bevechten monsters en bazen
We bevechten ze samen.
Jij doet het juiste, en ze bevechten je… alsof zij de teugels in handen hebben.
Wie moet ik in godsnaam bevechten vanachter mijn glorieuze bureau in Philadelphia?
Laat deze twee mensen elkaar bevechten tot de dood tijdens het dessert.
Ik zal jullie allemaal tot de dood bevechten.
En wij zullen ze bevechten.
Ik zal donkerte met donkerte bevechten.
Het Huis van Solonius en Batiatus zullen elkaar bevechten in dodelijke wedstrijd.
Jullie zullen deze twee binnenkort bevechten.
zal dit doorvoeren en bevechten.
Aeneas en zijn mannen bevechten de harpijen.
Ze kunnen het bevechten, Want het is ranzig.
Geen draak bevechten of zoiets heldhaftigs.
Hem bevechten als hij in me is.
Amerikanen bevechten Amerikanen!
Mijn Heer, onze 60.000 mannen… bevechten de 50.000 Khitans.
Ga je de Jem'Hadar ook voor hem bevechten?
Hij uit een soort bezwering tegen de persoon die hem komt bevechten.
In plaats daarvan zie ik de Jaffa's elkaar bevechten.