Voorbeelden van het gebruik van Het praten in het Nederlands en hun vertalingen in het Spaans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
En we waren zo leuk aan het praten.
Ze staan daar geparkeerd en zijn aan het praten.
Maak E aan het praten, Johnny.
plezierig met wie ik heb genoten van het praten.
We moeten Feng Choy aan het praten ktijgen.
de machinist was aan het praten.
Ja, jij krijgt mensen beter aan het praten.
Deze signalen maken Cortana aan het praten.
Ik zou het hem praten.
Met haar aan het praten over wat er gebeurde.
Ik kreeg hem aan het praten maar kort daarna verdween hij.
Het praten over projecten kan je helpen bij het beslissen welke kant je opgaat.
We waren aan het praten… en Sabovich zei.
We waren aan het praten en toen is hij vertrokken.
Ik doe het praten, laten zien.
Na al het vele praten.
Wat als we aan het praten zijn of bezig zijn met intellectuele activiteiten?
Hiermee krijg je 'n dode nog aan het praten.
Ik dacht dat je met hem aan het praten was.
Brittany zal daar wel over jou aan het praten zijn.
