Voorbeelden van het gebruik van Moet denken in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Ik moet denken.
Ik kan me niet voorstellen wat je momenteel van me moet denken.
Ik vrees dat ik even niet weet wat ik moet denken.
En ik weet niet wat ik daarvan, moet denken.
Ik weet niet wat ik er van moet denken.
Ze weet niet wat ze moet denken.
Ze moet denken dat we eikels zijn die zo uit de knoflookwagen komen.
Tedjo moet denken dat ik dood ben.
Ze weet niet goed wat ze daarvan moet denken.
Zeg maar wat ik moet denken.
Ik weet niet wat ik moet denken.
Ik weet niet wat je van me moet denken, maar trouw niet.
Jij hoeft me niet te zeggen wanneer ik na moet denken.
Je moet denken dat ik een soort monster ben.
Justin moet denken dat hij de baas is.
Hij moet denken dat hij niet vergeten is.
Ik weet niet wat ik moet denken.
Ik weet nooit wat ik van je moet denken.
Alec, ik weet wat je moet denken van mij.
Ik weet niet meer wat ik ervan moet denken.