Voorbeelden van het gebruik van Is net weg in het Nederlands en hun vertalingen in het Frans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
En Cassie is net weg.
Hij is net weg.
Nee, die is net weg. Hoezo?
Hij is net weg en ik mis hem nu al.
Hij is net weg.
De dokter is net weg.
Hij is net weg om mijn moeder te bellen.
Het spijt me, die is net weg.
Ja, je vader is net weg.
Ja, hij is net weg.
De laatsten zijn net weg.
We zijn net weg.
Ze zijn net weg.
Ik ben net weg.
Je bent net weg.
Ik ben net weg bij m'n klant.
We zijn net weg bij deze prachtige boerderij, omringd door een betoverend landschap.
Ze zijn net weg. Het was fantastisch.
De verhuizers zijn net weg.
Ze zijn net weg.