Voorbeelden van het gebruik van Het weet in het Nederlands en hun vertalingen in het Spaans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Zoals u het weet, hebben wij tijd nodig om de machines te vervaardigen.
En dat je het even weet, mijn code heeft jouw leven gered.
Wat vernederend is, is dat iedereen het weet behalve zij.
Maar de Tovenaar kon er een installeren zonder dat iemand het weet.
Nu weet u waarom Reginald niet wil dat de hele wereld het weet.
Ik wil gewoon, dat je het weet.
Je moet het doen voordat je het precies weet.
Je denkt niet dat hij het weet?
Man, dat is geweldig, maar ik het weet het niet.
Omdat hij wil dat je het weet.
We wachten hier tot hij het weet.
Hutton wil niet dat iemand het weet.
Dingen waarvan de vriendin van je kind zou willen dat je het weet.
En hij weet dat ik het weet.
En ik weet dat hij weet dat ik het weet.
Alsof zij het weet.
Ik wil niet dat iemand het weet.
Ze doet alsof ze het niet weet.
Maar het stoort me nog steeds en… Ik wilde dat je het weet.
Hij liet je enkel weten dat hij het weet.