Voorbeelden van het gebruik van Jou hebben in het Nederlands en hun vertalingen in het Spaans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Elke partij wil jou graag hebben, Stunner.
Die wenkbrauwen van jou hebben hun eigen taal.
Als ik naga wat ze jou hebben laten doen,
Zolang we jou hebben, zullen ze niet schieten.
Kuifje, dank zij jou hebben we een grote vis gevangen!
Jou hebben is veel werk.
Je kind zal jou hebben en jij je kind.
Dankzij jou hebben we degene gevonden die we zochten.
Zeker nu we jou hebben, Kevin.
Die heidense ooms van jou hebben echt je verstand vergiftigd met bijgeloof.
Waarvoor hebben we in vredesnaam een computer nodig, als we jou hebben?
Ze mag jou hebben.
Nou, we kunnen niet samen jou hebben, Diana.
Omdat ze jou hebben.
Waarom betalen we miljoenen aan software, als we jou hebben?
Moet ik het met je chef over jou hebben?
Je bouwt verder op wat vele anderen voor jou hebben geleerd.
Hij zal geen moeilijkheden hebben, zij zullen jou hebben.
Daarom wil de heks jou hebben.
James zal jou hebben.