Voorbeelden van het gebruik van Stoppen in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Ze mag niet stoppen met de behandeling.
Alsjeblieft, David. Je kunt dit nu stoppen.
Maar we kunnen het schip niet stoppen.
Ik kan niet zomaar stoppen.
Nee, we kunnen niet stoppen.
En u kunt me niet stoppen.
Je kan jezelf stoppen, maar je wilt het niet.
Als we nu stoppen hebben we helemaal niets.
Misschien stoppen we ze niet in de lift.
Jug, we moeten stoppen.
Ik moet dit nu stoppen.
Je kunt ze niet stoppen, Derek.
Ik weet het niet, maar ik moet stoppen.
Ze willen dat we stoppen.
Wat?-Iets dat Rasmus kan stoppen.
Zie rubriek 4.4 Stoppen van ritonavir alleen onder beperkende voorwaarden.
En als we dit niet stoppen, zal niemand meer veilig zijn.
Je moet stoppen met muziek en komiek worden.
We stoppen jou in een vuile kleine cel.
We kunnen nu niet stoppen.