Voorbeelden van het gebruik van Toch al in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Ik wist toch al wie het was.
We moeten toch al gaan.
Je bent toch al op.
Je hebt toch al een camera?
Die hun toch al eentonige leven nog verder oprekte.
Hij zong toch al niet meer.
Ik was toch al dood.
Ze heeft er toch al een?
Hij is toch al dood!
Ik zit toch al in een rolstoel.
Je weet toch al te veel!
Het was toch al op weg naar Siberië.
Die zijn toch al dood?
Daar is toch al voldoende over gediscussieerd.
Het was toch al niet mijn idee.
Je hebt Marshall zijn identiteitsgegevens toch al. Wat? Waarom?
Oneindigheid is toch al zo groot als we ons kunnen voorstellen?
Het is waarschijnlijk toch al te laat.
Ik was toch al dood.- Waarom zou ik?
Hij had toch al een hekel aan me.