Voorbeelden van het gebruik van Gaan halen in het Nederlands en hun vertalingen in het Spaans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Nu moet er iemand water gaan halen.
En nu moet ik een nieuwe cake gaan halen.
Kan je wat meer verband gaan halen?
ik moet hem nu gaan halen.
Ik moet mijn dochters gaan halen op school.
Nee, ik moet de wijn gaan halen.
dus ik moet bewijs gaan halen.
Ik moet de Dokter gaan halen.
Ik ga mijn klavertje gaan halen!
Ik moet echt mijn broertje en zusje op gaan halen.
Ik denk dat we het gaan halen.
Kan je mij een plezier doen en wat eten gaan halen?
Je moet hem gaan halen.
Ik moet mijn ticket gaan halen.
Oké, dan kan ik de broek van tante Hilda gaan halen.
Ik ben Ginger gaan halen, zoals je me vroeg.
Ik zal daar water gaan halen.'.
Zei je dat je schoenen moest gaan halen?
Het was bijna tijd, ik moest de kinderen uit school gaan halen.
Ik moet het antivirus gaan halen.