Voorbeelden van het gebruik van Hebben gelogen in het Nederlands en hun vertalingen in het Spaans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Wie hem ook vertelde dat ze de radiator vervingen, ze hebben gelogen.
Ik weet zeker dat mijn ouders daar over hebben gelogen.
Onze vaders hebben gelogen.
Jullie hebben gelogen.
Jullie hebben gelogen.
Jullie hebben gelogen.
Jullie hebben gelogen.
De verhalen hebben niet gelogen.
Ik kan niet geloven dat jullie hebben gelogen.
Ik kan… eerder hebben gelogen.
Daarbij komt nu dat de Grieken hebben gelogen.
Ik kan niet geloven dat ze tegen ons hebben gelogen.
De Chinezen hebben gelogen.
De meesten van ons hebben gelogen.
Ze hebben gelogen over me en gestolen van me.
Dus Clay en Erika hebben gelogen over dat ze Mitchell kende.
Ze moet hebben gelogen over het roken.
Dus ze hebben gelogen?
Jullie hebben gelogen.