RIEPEN - vertaling in Spaans

llamaron
bellen
noemen
roepen
heten
kloppen
terugbellen
naam
worden aangeroepen
gritaban
schreeuwen
gillen
roepen
huilen
juichen
jubelen
met schreeuwen
met roepen
het uitschreeuwen
pidieron
bestellen
verzoeken
aanvragen
eisen
oproepen
verlangen
opvragen
smeken
vragen
bestelt
clamaron
roepen
schreeuwen
het uitschreeuwen
beweren
het uitroepen
dijeron
zeggen
vertellen
namelijk
stellen
beweren
ik bedoel
betekent
convocaron
bijeen te roepen
oproepen
op te roepen
bijeenroepen
worden bijeengeroepen
beleggen
organiseren
roep
het bijeenroepen
samenroepen
instaron
oproepen
verzoeken
aansporen
aandringen
worden aangespoord
dring er
vragen
worden aangemoedigd
op te roepen
corearon
crearon
maken
creëren
scheppen
bouwen
creëer
opzetten
veroorzaken
oprichten
ontwikkelen
oprichting
invocaron
beroepen
aanroepen
aan te roepen
oproepen
inroepen
beroep doen
aanvoeren
het aanroepen
worden aangeroepen
roep
han hecho un llamamiento

Voorbeelden van het gebruik van Riepen in het Nederlands en hun vertalingen in het Spaans

{-}
  • Colloquial category close
  • Official category close
  • Medicine category close
  • Financial category close
  • Ecclesiastic category close
  • Ecclesiastic category close
  • Official/political category close
  • Computer category close
  • Programming category close
Velen riepen om Jezus wanneer wij langs liepen.
Muchos clamaban a Jesús según íbamos pasando.
Ze huilden en riepen om hun mama en papa.
Estaban llorando y llamando a su mami y a su papi.
We maakten ons bekend… Riepen hem te stoppen wel drie
Nos identificamos y… le gritamos que se parara tres
Bijna alle ondervraagde Italianen riepen het Verenigd Koninkrijk op de Brexit te heroverwegen.
Casi todos los italianos entrevistados piden que el Reino Unido se replantee el brexit.
De VS riepen op tot kalmte.
Estados Unidos llamó a la calma.
(a) Wat riepen sommige jongens toen Jezus getuigenis gaf in de tempel?
¿Qué gritaron unos muchachos cuando Jesús daba testimonio en el templo?
Mensen riepen mijn naam.
Las personas gritando mi nombre.
Die pestkoppen riepen mijn naam.
Los abusones decían mi nombre.
Toen riepen Wij tot hen:,, O Ibrahim!”.
Entonces, le llamamos‘¡Oh, Abraham!'.
Zelfs niet toen de wilde ganzen riepen en de zwanen vlogen?”.
¿Ni cuando los gansos salvajes llamaban y los cisnes volaban?”.
Riepen Wij hem toe: “O Abraham,!
Le llamamos:«¡Oh, Abraham!
Ze riepen:„Wie is de grootste?
Él decía:«¿Quién es el mayor?
De zielen onder het altaar riepen om gerechtigheid, geen wraak.
Las almas bajo el altar pedían justicia, no venganza.
Er waren overal mensen die om hulp riepen.
Hay gente por todos lados pidiendo ayuda.
verpleegkundigen rammelden aan me en riepen mijn naam.
las enfermeras me sacudían y me llamaban por mi nombre.
Die zonden van mij waren de stemmen die riepen"Kruisig Hem".
Esos pecados míos fueron las voces que gritaron“¡crucifícale!”.
Zonder de zweep arbeidt de neger niet”, riepen de slavenhouders.
Sin el látigo el negro no trabajará”, decían los esclavistas.
Er waren stemmen die me riepen.
Y voces que me llamaban.
Homer en Rachel en Scott riepen mijn naam.
Recordaba a Homer, Rachel y Scott gritando mi nombre.
Slobodan, Slobodan, red Servië, en pleeg zelfmoord' riepen anderen.
Slobodan, salva a Serbia,¡mátate!", decían otros.
Uitslagen: 538, Tijd: 0.0963

Top woordenboek queries

Nederlands - Spaans