Voorbeelden van het gebruik van Zal het in het Nederlands en hun vertalingen in het Spaans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Wat zal het zijn?
Was, ben en zal het altijd wel blijven.
Hoe lang zal het duren?
Als je me je paswoord geeft zal het ons geheimpje zijn.
Maar je zal het wel goed vinden,
Hoe lang zal het duren eer de anderen ons komen zoeken?
Op een dag, God weet wanneer, zal het mijn dag zijn.
Jij zal het ook wel niet weten, pa.
Dit is zó opwindend, wie zal het zijn?
Kijk, voor jou zal het beter worden.
Mevrouw de baas zegt ja, dus zal het een ja zijn.
Je zal het hier goed doen
Nu zal het helemaal moeilijk zijn.
Ik zal het goed gaan doen.
Uitzonderlijk ruime kamers biedt zal het gemakkelijk twee families in luxe en comfort.
Jij zal het als eerste weten.
Ik zal het allemaal naar beneden halen.
Eisen voor de toelating zal in het algemeen:…[-].
Dat zal het moeilijkste van alles zijn, Kal-El.
Voortaan zal het willekeurig zijn.