Voorbeelden van het gebruik van Bijna in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Ik woon bijna in de auto.
Je gaat bijna voor de eerste keer jouw kind zien.
O, bijna nog iets vergeten. Ja.
We zijn er bijna, dat beloof ik.
We zijn bijna bij de ruimtehaven.
Bijna twee.
En je hebt bijna geen gereedschap gebruikt.
Na bijna veertig jaar heb je een spoor.
Dat het bijna af was.
Ik kon bijna horen wat hij dacht.
Maar ik ben bijna in Sprinkle City.
Ik kon bijna Ondine in de schaduwen zien.
Zijn we bijna bij Kerstland?
Ik brak bijna m'n nek!
Ze was bijna hysterisch.
Bijna zoveel als ik.
Een bijna legaal, markt-dominant, briljant idee.
Hij was bijna een god.
Volgens Austins telefoongegevens had hij bijna geen contact met vrienden of familie.
We zijn bijna klaar om naar het nieuwsstation te gaan.