Voorbeelden van het gebruik van Had toch in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Ik had toch de leukste bijnaam?
Ik had toch verdomme nee nee gezegd.
Ik had toch een afspraak met een wolhandelaar in het dorp.
Je had toch een spoor?
Ik had toch geen honger.
Je had toch gelijk, Bassett.
Je had toch kunnen proberen haar om te praten?
Ik had toch gezegd dat jullie moesten oprotten?
Ik had toch niks te doen.
Castle had toch gelijk.
Ik had toch niet genoeg nummers voor de tournee.
Je had toch nog huisbezoeken?
Ms Crabtree had toch die kleine tv voor de video.
Ik had toch nog een sigaar bij me?
Ik had toch maar 30.
Ik had toch niks te doen.
Je had toch gezegd… dat ik het aan je verloofde moest vertellen?
Je had toch een droom dat we samen oud zouden worden?
Dat meisje in je droom had toch ook zo'n converter?
En ik had toch geen super fun time.